Roel Vogel is vaste dirigent van het Klein OperaKoor Wilhelminapark sinds maart 2005.
Hij zong van jongs af aan in het Tabor Jeugd- en Jongerenkoor. Vanaf zijn tiende speelde
hij viool, o.a. bij Paula Baan.
Op zijn middelbare school, het Karel de Grote College (KGC) in Nijmegen, richtte hij naar
aanleiding van zijn Jaarwerkstuk een leerlingenkoor op. Daarmee werd de toon gezet voor
verdere studie.
Hij ontving directielessen van Gert Jan van der Pol (koor) en Alex Geluk (orkest).
Roel studeerde van 1998 tot 2001 Schoolmuziek aan het Conservatorium in Utrecht. Hij
vervolgde zijn studie met de opleiding Koordirectie aan het Koninklijk Conservatorium in
Den Haag met als hoofdvakdocenten Jos van Veldhoven en Jos Vermunt. In juni 2004 behaalde
hij zijn diploma met een door hem zelf ontwikkelde muziektheaterproductie.
Hij volgde cursussen (o.a. drie keer de Kurt Thomas Cursus) bij onder meer Rob Vermeulen,
Hans Leenders, Ger Vos, Daan Admiraal, José Esandi, Micha Hamel en Gilles Michels. Hij
volgde een masterclass van Tonu Kaljuste waarbij hij het Nederlands Kamerkoor dirigeerde.
Als repetitor is hij werkzaam bij onder andere het USKO (Utrechts Studenten Koor en
Orkest), Kathedrale Koor Utrecht, Groot Concertkoor Amsterdam en de Utrechtse
Bachcantatediensten. Roel is als vaste dirigent verbonden aan het Tabor Jongerenkoor
(Ede), Klein OperaKoor Wilhelminapark (Utrecht), Symphonieorkest NOVA (Arnhem) en de
Cantateserie in de Taborkerk (Ede).
Als dirigent en docent is hij verbonden aan het Karel de Grote College in Nijmegen. Tevens
is hij mede-initiatiefnemer van stichting de Muzen, die tot doel heeft interdisciplinaire
podiumproducties te ontwikkelen en uit te voeren.
Als dirigent was hij verbonden aan theaterproducties als 'Koning van Katoren' (Eggink/Den Arend), 'Leven in Hel, de operette' (muz. Joost Kleppe), de Jeugdopera 'Wie niet sterk is moet slim zijn' (Erik Vogel) en 'Een enkele reis retour - legato interruptus' (stichting de Muzen).